D
e obstakels voor vrede

Het eerste obstakel:

Het verlangen om je ervan te ontdoen







Het eerste obstakel waar vrede overheen moet vloeien, is jouw verlangen om
je ervan te ontdoen. Want zij kan zich niet uitbreiden, tenzij jij haar houdt. Jij bent
het centrum vanwaar zij naar buiten uitstraalt om de anderen naar binnen te roepen.
Jij bent haar thuis, de kalme verblijfplaats, vanwaar zij zachtmoedig naar buiten reikt,
maar jou nooit verlaat. Als jij haar thuisloos zou maken, hoe kan zij dan binnen de
Zoon van God verblijven? Als zij zich over de gehele schepping wil verspreiden,
moet zij met jou beginnen. En vanuit jou naar iedereen die roept reiken
en hem rust brengen door zich met jou te verenigen.

Waarom zou jij vrede thuisloos willen? Wat denk jij dat zij moet onteigenen om
in jou te verblijven? Wat lijkt de prijs te zijn, die jij zo onbereid bent te betalen?
De kleine zandbarrières staan nog steeds tussen jullie in. Zou jij ze nu herforceren?
Jou wordt niet gevraagd ze voor jezelf alleen te laten gaan. Christus vraagt het van
jou, voor zichzelf. Hij zal vrede naar iedereen brengen. En hoe kan Hij dit doen
behalve door jou? Zou jij een kleine zandbank, een muur van stof; een minieme,
gelijkende barrière tussen jouw broeders en verlossing laten staan?

En toch is het dit kleine overblijfsel van aanval, wat jullie nog steeds tegen
elkaar koesteren, dat het eerste obstakel is dat de vrede in jou in haar voortgang
ontmoet. Deze kleine muur van haat zou nog steeds de Wil van God tegen stellen en
Het beperkt houden. Het doel van de Heilige Geest rust in vrede binnenin jou. Toch
ben jij nog steeds onwillig om het zich volledig met jou te laten verenigen. Jij stelt de
Wil van God nog steeds een heel klein beetje tegen. Maar dat kleine beetje is een
beperking die jij op het geheel zou plaatsen. Gods Wil is één, niet velen.
Het heeft geen tegenstelling, want er is geen naast Hem.

Wat jij nog steeds achter jouw kleine barrière en gescheiden van elkander houdt, is
machtiger dan het universum, want het zou het universum en zijn Schepper tegenhouden.
Deze kleine muur zou het doel van de Hemel verbergen en het van de Hemel weghouden.
Zou jij verlossing van de Gever van verlossing wegduwen? Want zodanig ben jij geworden.
Vrede kan jou net zo min verlaten als God. Vrees dit kleine obstakel niet. Het kan de Wil van
God niet bevatten. Vrede zal eroverheen vloeien en zich zonder hindernis met jou verenigen.

Verlossing kan jou niet worden onthouden. Het is jouw doel. Jij kunt niet apart hiervan willen.
Jullie hebben geen doel los van elkander, noch apart van hetgeen dat jij de Heilige Geest hebt
gevraagd met jou delen. De kleine muur zal, onder de vleugels van vrede, zo stilletjes wegvallen!
Want zij zal haar boodschappers van jou naar heel de wereld zenden. En barrières zullen voor
hen komst zo eenvoudig wegvallen, als degenen die jij tussen- beide zou brengen overwonnen
zullen worden. De wereld overkomen is niet moeilijker dan jouw kleine muur te overwinnen.
Want in het wonder van jullie relatie, zonder deze barrière, is elk wonder gevat.

Er is geen orde van moeilijkheid in wonderen, want zij zijn allen dezelfde. Elkeen is een
zachte overwinning; van de aantrekkingskracht van schuld naar de aantrekkingskracht van
liefde. Hoe kan dit falen volbracht te worden, waar het ook wordt ondernomen? Schuld kan
er geen barrières tegen opwerpen. En alles wat tussen jullie in lijkt te staan moet wegvallen
vanwege de aantrekkingskracht van wat jij hebt geantwoord. En vanuit jij die hebt geantwoord
zal Hij, Die jou heeft geantwoord, roepen. Zijn thuis is in jouw heilige relatie. Probeer niet om
tussen Hem en Zijn heilige doel te staan, want het is het jouwe. Maar laat Hem stilletjes het
wonder van jullie relatie uitbreiden naar iedereen die erin is behelsd, zoals het werd gegeven.

Er is een verstommen in de Hemel, een blijde verwachting, een kleine pauze van
verheugenis in erkenning van het einde van de reis. Want de Hemel kent jou goed, zoals
jij de Hemel kent. Geen illusies staan tussen jullie in. Kijk niet naar de kleine muur van scha-
duwen. De zon is erover verrezen. Hoe kan een schaduw jou van de zon weghouden? Net zo
min kun jij door schaduwen van het licht - waarin illusies eindigen - worden weggehouden.
Elk wonder is slechts het einde van een illusie. Zodanig was de reis, zodanig zijn einde.
En in het doel van de waarheid, wat jij hebt aanvaard, moeten alle illusies eindigen.

De kleine waanzinnige wens om van Hem af te raken Die jij binnenvroeg en Hem
eruit te duwen, moet conflict produceren. Als jij naar de wereld kijkt kan deze kleine
wens, ontworteld en doelloos ronddrijvend, op wat dan ook landen en kortstondig
neerdalen. Want het heeft nu geen doel. Voordat de Heilige Geest binnenkwam om met
jou te verblijven, leek het een machtige functie te vervullen; de gefixeerde en onverander-
bare toewijding aan zonde en haar resultaten. Nu is het doelloos en dwaalt zinloos, niet
meer dan kleine onderbrekingen in de aantrekkingskracht van liefde veroorzakend.

Dit veertje van een wens, deze minieme illusie, dit microscopische overblijfsel van
het geloof in zonde, is alles wat overblijft van wat ooit de wereld leek te zijn. Het is
niet langer een volhardende barrière voor vrede. Zijn doelloze dwalen maakt dat zijn
resultaten ongeregelder en nog minder voorspelbaar zijn dan voorheen. Maar wat kan
instabieler zijn dan een nauwgezet misleidend gedachtesysteem? Zijn schijnbare stabili-
teit is zijn alomtegenwoordige zwakte, die zich tot alles uitstrekt. De onbestendigheid
die dit kleine overblijfsel teweegbrengt duidt louter zijn beperkte resultaten aan.

Hoe machtig kan een kleine veer zijn, voor de geweldige vleugels van de waarheid?
Kan het de vlucht van een adelaar tegen stellen, of de komst van de zomer hinderen?
Kan het tussenbeide komen met de effecten van een zomerzon op een met sneeuw
bedekte tuin? Zie hoe eenvoudig dit kleine pluisje is opgelicht en weggevoerd, om
nooit meer terug te keren. En scheid er in blijdschap van, niet spijt. Want het is niets
in zichzelf en stond voor niets toen jij meer vertrouwen in zijn bescherming had.
Zou jij niet liever de zomerzon groeten, dan jouw staren te fixeren op een ver-
dwijnend sneeuwvlokje en te rillen in de herinnering van de winterse kou?



Dit is een gedeeltelijke weergave van een directe dictatie van Jezus Christus.
De gehele weergave van deze dictatie is later in aangepaste vorm gepubliceerd
als Hoofdstuk 19 van Een Cursus In Wonderen.








TERUG