WONDEREN
ALS NAUWKEURIGE WAARNEMING





Wij hebben herhaaldelijk gesteld dat de basisbegrippen, waar door de cursus
heen naar gerefereerd wordt, geen kwestie van gradaties zijn. Bepaalde fundamen-
tele begrippen kunnen niet betekenisvol worden begrepen in termen van gelijktijdig
bestaande polariteiten. Het is onmogelijk om licht en duisternis, of alles en niets
als verenigde mogelijkheden te bevatten. Zij zijn allen waar of allen onwaar.
Het is absoluut essentieel dat jij volledig begrijpt dat gedrag wispelturig is
totdat een ferme overeenkomst met de één of de ander is gemaakt.

Een ferme overeenkomst met duisternis, of niets, is onmogelijk. Niemand
heeft ooit geleefd die niet een beetje licht en iets van alles heeft ervaren. Dit
heeft het iedereen onmogelijk gemaakt de waarheid totaal te ontkennen, zelfs
als hij zichzelf in deze connectie meestentijds misleid. Dat is waarom zij, die
grotendeels in duisternis en leegte leven, nooit blijvende verlichting vinden.

Onschuld is tevens geen gedeeltelijke eigenschap. Zij is geen werkelijke verde-
diging totdat zij totaal is. Wanneer het gedeeltelijk is, wordt het gekaraktiriseerd
door dezelfde ongeregelde aard die voor andere aan twee-kanten-snijdende
verdedigingen opgaat. De gedeeltelijk onschuldigen zijn geneigd bij tijden nogal
dwaas te zijn. Het is niet totdat hun onschuld een onvervalst uitgangspunt is,
wat universeel is in haar toepassing, dat zij wijsheid wordt.

Onschuldige (of ware) waarneming betekent dat jij nooit mis-waarneemt en
altijd waarachtig ziet. Simpeler nog, dit betekent dat jij nooit ziet wat in werke-
lijkheid niet bestaat. Wanneer het jou aan vertrouwen ontbreekt in wat iemand
anders zal doen, getuig jij van jouw geloof dat hij niet in zijn juiste denken is. Dit is
nauwelijks een wonder-gebaseerd referentiekader. Het heeft tevens het rampzalige
gevolg van ontkennen (onjuist gebruiken) van het essentieële scheppende vermogen
van het wonder. Het wonder neemt alles waar zoals het is. Als niets behalve de waar-
heid bestaat, (en dit is werkelijk een overbodige verklaring, omdat wat niet waar is
niet kan bestaan) kan juist gericht zien niets behalve volmaaktheid waarnemen. Wij
hebben menigmaal gezegd dat alleen wat God schept, of wat de mens met dezelfde
wil schept, enig werkelijk bestaan heeft. Dit is dan alles wat de onschuldigen kunnen
zien. Zij lijden niet aan de waanvoorstellingen van degenen die gescheiden zijn.

De manier om al zulke zinsbegochelingen te corrigeren is jouw vertrouwen in hen
terug te trekken en het alleen te investeren in wat waar is. Tot de lengte waarin jij je
in valse waarneming in jezelf of anderen schaart, valideer jij een verkeerde basiswaar-
neming. Jij kunt het gebrekkige niet valideren. Ik suggereer dat jij vrijwillig al zulke
pogingen opgeeft, want zij kunnen slechts uitzinnig zijn. Als jij bereid bent wat
waar is te valideren in alles wat jij waarneemt, zul jij het waar voor jou maken.

Onthoud dat wij hebben gezegd dat waarheid elke vergissing overwint.
Dit betekent dat als jij waarachtig waarneemt, jij verkeerde waarnemingen
in jezelf en anderen simultaan opheft. Omdat jij hen ziet zoals zij werkelijk
werden geschapen en werkelijk kunnen scheppen, bied jij hun jouw validatie
van hen waarheid, dit is de werkelijke heling welke het wonder actief schept.

De reden waarom dit zo kort is, in weerwil van zijn uiterste belangrijkheid,
is omdat het niet symbolish is. Dit betekent dat het niet open staat voor meer
dan een interpretatie. Dat betekent dat het ondubbelzinnig is. Het verklaart tevens
de aanhaling die jij nooit eerder correct in volledige vorm hebt gezien: “Maar dit
weten wij, dat wanneer Hij verschijnt (of zal worden waargenomen) wij zoals Hij
zullen zijn, want wij zullen Hem zien zoals Hij is. En ieder mens die deze hoop
in zich heeft, zuivert zichzelf net zoals Hij zuiver is. Ieder mens heeft de
hoop dat hij correct kan zien, want het vermogen dit te doen is in
Hem. De mens zijn enige hoop is de dingen te zien zoals zij zijn.







Dit is een gedeeltelijke weergave van een directe dictatie van Jezus Christus.
De gehele weergave van deze dictatie is later in aangepaste vorm gepubliceerd
als Hoofdstuk 3 van Een Cursus In Wonderen
.



TERUG